|
maandag 15 januari 2007 00:00 |
Bron: Ina Meijer
Een poos geleden alweer zag ik een prachtige Zweedse documentaire op televisie. Twee mensen in Zweden waren 10 jaar lang gefilmd. De makers van deze documentaire begonnen met filmen toen broer en zus allebei goed 90 jaar waren. Prachtige mensen op leeftijd, die leefden in eenvoud op hun kleine boerderij. Geen water en elektriciteit en andere luxe. In the "middle of nowhere" en vooral elkaar. Er werd gezongen en er heerste rust. Geen ingewikkelde keuzes en geen druk bestaan. Samen genieten van deze dagen op leeftijd. In pure eenvoud met zoveel liefde voor elkaar. Totdat het zelfstandig wonen niet meer ging. Broer moest opgenomen worden in het ziekenhuis en zus uit nood naar een verpleeghuis. Broer was te zwak om enig besef van missen van aan te geven. Zus in verwarring en radeloos van het missen van haar broer opgenomen in het verpleeghuis, en maar vragen wanneer ze naar huis kon. De verpleging ging met rust en liefde met de situatie om. Ze bleef echter zoeken naar haar broer. En als kijker denk je die zien elkaar niet terug. Totdat broer ondanks een erg slechte periode was opgeknapt en naar hetzelfde verpleeghuis werd gebracht. In de kamer van zijn zus werd een bed bij geschoven, en er was ontroering bij beide toen ze elkaar weer zagen. Vanaf toen was het genieten van elke dag. De verpleging ging zelfs terug met broer en zus naar hun woning. Om gewoon even koffie te drinken en genieten van "dat" moment. En de dagen die nog kwamen werd er weer gezongen, en lachten broer en zus elkaar toe. Wetende dat het moment van afscheid dichterbij kwam. In de nacht verliet zus haar broer. Hij hield haar vast en liet haar gaan. Ontroering bij het weghalen van haar lichaam. Broer werd nog 101 jaar, en drie maanden nadat zus was gestorven zei hij op een dag. Ik ben vandaag geroepen door mijn zus, en hij verliet die nacht die kwam dit leven....
En ik verbaast. Verbazing over eenvoud, de liefde, de rust. Maar ook de verbazing bij het zien van een bijna 100 jarige man die voor het eerst van zijn leven elektriciteit in zijn huisje krijgt. En dat hij maar het knopje aan en uit blijft doen. Ook verbazing over de verpleging, die aanvoelde waar het om ging in deze levens. Ik dacht even bij het schrijven dat ik bijna geen verbazing meer kon. In het leven nu, alles lijkt er te zijn. En op het moment dat ik dit schrijf verbaas ik me. Dus mensen blijf je verbazen. Het is er nog, elke dag, en soms in een mooi levensverhaal als van deze twee mensen
|